“Hoe ik hier ooit terecht ben gekomen? Door héél veel sollicitaties uit te sturen. Ik denk dat ik op minstens veertig stagevacatures heb gereageerd”, aldus Jeroen van der Veen. Inmiddels werkt hij drie jaar als consultant voor UNODC (United Nations Office on Drugs and Crime), maar hij kwam de organisatie binnen als stagiair. We spreken Jeroen over zijn werk en het loopbaanpad dat hij aflegde voor hij bij de VN begon.

Geschatte leestijd: 5 minuten
 

Zou je als eerste wat meer willen vertellen over je achtergrond?

“Ik ben opgegroeid in het oosten van Nederland en ben na de middelbare school naar Rotterdam vertrokken. Daar heb ik Business Management gestudeerd aan de hogeschool. Redelijk wat anders dan wat ik nu doe, maar op dat moment wist ik niet zo goed wat ik ‘later’ wilde. Omdat ik in ieder geval wist dat ik internationaal wilde werken, koos ik voor een business-opleiding met een focus op Azië. Na mijn afstuderen kon ik aan de slag in een commerciële rol bij een groot techbedrijf in Ierland. Het was een harstikke leuk, jong bedrijf en een hele goede werkgever. Toch voelde ik al snel dat ik daar niet de komende dertig jaar wilde werken." 

En toen?

“Toen besloot ik weer te gaan studeren. Ik verhuisde naar Wenen voor de tweejarige master International Relations aan de Central European University. Ik koos daarbij de specialisatie vrede en veiligheid. Achteraf denk ik dat ik altijd al wist dat in dit vakgebied mijn hart lag. Het zaadje is ooit geplant toen ik meedeed aan Model European Parliament. Maar omdat er na de havo geen mogelijkheid was om direct in te stromen bij een politieke studie, ben ik eerst de businesskant opgegaan.”

Beeld: © Jeroen van der Veen

Jeroen tijdens een training die hij gaf bij het NAVO Centre of Excellence - Defence Against Terrorism

Na het eerste jaar van je master heb je vijf maanden stagegelopen bij UNODC in Wenen. Bij welke afdeling kwam je terecht en waar werkte je aan?

“Mijn stage was bij de Terrorism Prevention Branch (TPB) – het organisatieonderdeel waar ik nu ook als consultant werk. Dit onderdeel houdt zich, zoals de naam aangeeft, bezig met het voorkomen en tegengaan van terroristische- en extremistische dreigingen. In de hele branch werken ongeveer 140 mensen en een groot deel daarvan werkt in het veld. We hebben bijvoorbeeld veel collega’s die in Afrika en Azië werken, maar er zitten ook mensen in het Midden-Oosten en Latijns-Amerika. De TPB heeft vier afdelingen: drie daarvan richten zich op het implementeren van activiteiten en het realiseren van capaciteitsopbouw. De vierde afdeling – die waar ik werk – is de Office of the Chief. Dit team zorgt voor beleidscoördinatie en alle overkoepelende activiteiten.”

“Als stagiair hield ik me veel bezig met het doen van achtergrondonderzoek, bijvoorbeeld naar de prioriteiten van een bepaald land op terrorismepreventie. En wanneer er onderhandelingen waren, bracht ik in kaart hoe die eraan toe gingen. Welk land zegt wat? En wat betekent dat voor ons? Daarnaast deed ik veel ondersteunend werk op het gebied van donorrelaties, hielp ik met de organisatie van evenementen en schreef ik regelmatig statements en speeches.”

Voorafgaand aan deze stage binnen de VN werkte je in het bedrijfsleven. Hoe ervaarde je die overgang?

“Ik moet zeggen dat het heel erg wennen was. De eerste periode als stagiair stond in het teken van heel veel leren. Bij het techbedrijf waar ik eerder werkte, kreeg ik een buddy, een mentor en een volledig uitgestippeld programma waarin precies stond wat ik na een week, een maand en na vijf maanden zou gaan doen. Bij UNODC was de onboarding lang niet zo georganiseerd. Ik heb daarom echt geprobeerd om zelf veel vragen te stellen. Gelukkig stond mijn team daar zeker voor open.”

“De VN is nu eenmaal een grote, gecompliceerde organisatie – het duurde daardoor ook langer voordat ik echt zelfstandig kon werken. Al denk ik dat dat juist de waarde van een stage is; dat je de tijd en ruimte krijg om zo’n complexe organisatie zo goed mogelijk te leren kennen.”

Na je stage kon je als consultant bij de organisatie blijven werken. Hoe is dat gegaan?

“Mijn stage liep van mei tot en met augustus en ongeveer een maand voor het  einde werd ik gevraagd of ik wilde blijven. Ik moest nog wel het tweede jaar van mijn master afmaken, dus fulltime blijven was niet mogelijk. Bovendien zou ik nog een half jaar op uitwisseling gaan en dus online moeten werken. Gelukkig was de organisatie daarin flexibel en kreeg ik vrij snel een akkoord.”

Hoe ziet je takenpakket eruit nu je als consultant voor UNODC werkt?

“Het is enorm cliché, maar het is echt zo: elke dag is compleet anders. Er zijn natuurlijk werkzaamheden die regelmatig terugkeren, maar een heleboel ook niet. Voorbeelden van taken die wat meer standaard zijn, zijn bijvoorbeeld het schrijven of reviewen van persberichten en speeches. Dat doe ik samen met mijn Communications & Advocacy collega’s. Verder houd ik me bezig met monitoring en evaluatie. Daarbij brengen we in kaart welke impact we hebben gerealiseerd met donorgeld en wat we daaruit kunnen leren voor toekomstige projecten.”

“Iets anders wat momenteel speelt, is dat de global counter terorrism strategy van de hele VN dit jaar wordt geüpdatet. Dit gebeurt elke twee tot drie jaar. Ik ben bezig met een analyse van voorgaande resoluties, om inzichtelijk te maken wat er is veranderd en wat er volgens ons in de resolutie moet komen. Ook kijk ik naar de prioriteiten van verschillende landen, zodat we die kunnen meenemen in ons beleid en onze capacity building programma’s. Hiervoor voer ik veel gesprekken met donorlanden uit mijn portfolio, waaronder ook Nederland. Daarnaast werken we samen met andere VN-entiteiten en internationale organisaties, zoals de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE). Tot slot krijgen we regelmatig delegaties op bezoek en help ik vaak bij de voorbereiding van die bezoeken.”
 

Beeld: © Jeroen van der Veen

Wat vind je het leukste aan werken voor UNODC?

“Toch die diversiteit aan werkzaamheden; daardoor is het nooit saai. Verder vind ik het heel leuk dat ik voor mijn werk met veel verschillende mensen spreek, zowel binnen UNODC als bij andere organisaties. Daardoor krijg ik een goed idee van wat er speelt binnen onze organisatie en bij andere VN-entiteiten. Dat is ontzettend interessant.”

“Verder vind ik dat we een fantastisch team hebben waarin we precies weten wat we aan elkaar hebben. En: ik merk dat ik nog steeds heel veel kan leren. Als ik terugdenk aan waar ik een jaar geleden stond en waar ik toen aan werkte, kan dat me echt verbazen.”

"De diversiteit aan werkzaamheden vind ik het leukste - het is nooit saai"

Heb je tot slot advies voor anderen die graag bij een internationale organisatie zouden willen werken?

“In mijn huidige rol werf en begeleid ik onze stagiairs. Waar ik zelf op let bij sollicitanten, zijn iemands extracurriculaire activiteiten. Het is een mooie bonus als die qua thema direct aansluiten op de stage waarop je solliciteert, maar dat is geen must. Ik ben zelf van mening dat je inhoudelijke kennis prima kunt opdoen tijdens je stage. Je hoeft dus geen terrorisme-expert te zijn als je hier wilt stagelopen. Ik denk dat het belangrijker is dat je bepaalde persoonlijke vaardigheden meebrengt. Denk aan proactief zijn of organisatiesensitiviteit hebben. Extracurriculaire activiteiten kunnen helpen om die te ontwikkelen.”

“Een laatste tip die mij erg hielp: probeer tijdens je stage dingen op te pakken waarmee je het leven van je collega’s makkelijker maakt. En dan bedoel ik niet koffie halen of kopietjes maken. Vraag je af: is er een niche waarin jij het verschil kan maken? Ik probeerde als stagiair actief te zoeken naar werkzaamheden die moesten gebeuren, maar waar collega's geen tijd voor hadden. Door juist die zaken op te pakken, kon ik mijn effectiviteit en toegevoegde waarde voor het team laten zien. En dat heeft denk ik zeker geholpen om na mijn stage te kunnen blijven.”